De boeman


deboemanHoe blijf ik overeind onder een slechte manager?
‘Misschien had ik met een dieper decolleté meer aandacht gekregen. Hij keek alleen maar naar buiten.’

Ik verwachtte een lach, maar het bleef ijzig stil.

We waren aan het roddelen. Ik zag niet dat hij achter me stond. Mijn manager. De hoofdrolspeler van mijn verhaal. En dat wist hij, zag ik, toen ik me omdraaide.

Gênant.

Waarom mopperen we over managers?
Toen ik 25 was keek ik op tegen leidinggevenden. Maar daar had mijn manager niet om gevraagd. Mijn verwachtingen waren hoog. En hij moest daar aan voldoen. Vond ik.

Hij moest mij sturing geven.
Hij moest vragen hoe het met me ging.
Hij moest weten waar ik mee bezig was en hoeveel tijd mijn werk wel niet kostte.
Hij moest de leuke klussen aan mij geven.
En hij mocht ons bilateraal overleg niet steeds afzeggen.

Aan die verwachtingen kon hij niet voldoen, dus ik ging mopperen.

Shame on me.

Ik besef steeds meer hoe lastig de positie van een manager is
De omgeving waarin hij of zij moet bewegen is complex. Het zit vol stokpaardjes, wespennesten en boemannen. In die omgeving wil een manager met zijn team iets presteren en zijn intentie is vaak goed. Maar management is een mensgericht vak en niet elke doorgegroeide specialist beheerst het vak.

Of nóg niet.
Of nooit niet.

Wat bedoel je met iemand die het nog niet snapt?
Een voorbeeld. Roy is de beste productspecialist bij een leverancier van laboratoriumapparatuur. Hij is van het soort dat elk onderdeel koestert en kent. Hij weet nu al welk apparaat er volgend jaar verbeterd op de markt komt. Zijn manager gaat met pensioen en Roy wordt manager van de afdeling.

Als Roy’s mensen bij hem komen met een probleem, heeft hij de oplossing altijd paraat.

‘Als je Pim nu meteen even belt en zegt dat hij de meter met spoed bestelt, dan komt die morgen binnen en kun je overmorgen weer verder met de aansluiting. Zo blijven we op schema.’

Met die suggestie gaat zijn medewerker aan de slag. Hij wil een tevreden baas. Vooral rond zijn functioneringsgesprek.

De manager is trots
Het gaat goed met zijn afdeling.

Roy leunt op de inhoud. Hij weet dat het hart het brein van zijn mensen aanstuurt en hij denkt dat hij daar ook iets mee doet.

Zijn medewerkers denken daar anders over. Hij geeft amper complimenten, vraagt nooit door op andermans oplossing en weet weinig van wie zijn mensen echt zijn of waar ze mee worstelen. Als het mis gaat geeft hij kritiek. Hij noemt het feedback. Zijn medewerkers voelen zich niet gehoord of gezien. Ze hebben het er met elkaar over in de koffiecorner.

Maar hee. Met zo’n manager kun je gewoon gaan praten
Stel je voor. Je bent één van zijn medewerkers. Je moeder is ernstig ziek, maar hij vraagt er nooit naar. Je hebt al maanden ruzie met je collega en dat negeert hij. En hij doet niets met de oplossingen en de ideeën die je aandraagt in vergaderingen. Je hebt je eigen gedachten over de situatie onderzocht en je beseft dat hij een andere waarheid heeft. Die wil je best horen. Graag zelfs.

Kortom: je bent goed voorbereid en je hebt een open houding. Je plant een overleg in en zoekt een rustig plekje. Je bedenkt wat je van hem nodig hebt om goed te functioneren en dat leg je hem voor.

Vanuit je eigen behoefte.
Zonder verwijt.
Je eindigt met een stilte.

Chapeau.

Ok. Dat laatste was best een moeilijk onderdeel. De stilte voelt misschien wat ongemakkelijk.

Want djeez. Wat zou hij nu van je denken?
Dalijk gaat hij je nog ontslaan of vindt hij je niet meer aardig.
Die angst kennen we allemaal.

Maar even realistisch. Hoe groot is die kans?

Jij hebt makkelijk praten, ik ben maar een ondergeschikte
Dat dacht ik ook toen ik 25 was. Maar hij worstelt, net als jij. En hij wil ook leuk samenwerken. En vooral resultaten boeken. Hij wil het maximale uit zijn team halen, ook al weet hij niet hoe dat moet. Dus zelfs als hij er niet altijd om vraagt kan hij jouw gebruiksaanwijzing goed gebruiken.

En wat doe ik als hij alles van tafel veegt?
Ok. Blijkbaar vindt jouw manager  het lastig om de boodschap te ontvangen. Hij laat het probleem kleiner lijken door zinnen te gebruiken als

maar het is druk geweest,
ik herken niet wat je zegt of
maar jij laat je ook niet makkelijk zien.

Zo is het minder pijnlijk of urgent voor hem.

Hou vol. Toon begrip, herhaal je punt of stel een vraag. Waarom vraagt hij niet naar je zieke moeder? Waarom doet hij niets met het geruzie?

En als mijn manager echt helemaal niks wil?
Je hebt het nu twee keer bij je manager aangekaart. En ook zijn leidinggevende weet er inmiddels van. Er verandert niets.

Je hebt vier opties: gefrustreerd zijn, het accepteren, iets veranderen of weggaan. Je hebt het frustreren een poosje geprobeerd maar dat beviel niet. Je gemopper maakte je als collega niet geliefder. Bovendien leverde je het een verhoogde hartslag op.

De gesprekken veranderden niets. Dus er blijven nog twee opties over.

Accepteren: je werkt onder een slechte people manager. Hij beschouwt jou als een resource die terugpraat. Dat is hoe het is. Het interesseert hem niet hoe het met je moeder gaat en hij wil eigenlijk dat je gewoon doet wat hij zegt.

Tip: vervul je behoefte op het menselijk vlak elders en stel je verwachtingen bij.

Weggaan: als menselijkheid voor jou van belang is, moet je verhuizen naar een andere afdeling of je zoekt een baan ergens anders.

Meer opties zijn er niet.
Kies er maar één.

 

 

Deel dit bericht:



Geplaatst op april 21st, door Nancy Kerstens in Artikelen.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *